Bevrijd van slavendienst

Troost wordt gegeven bij verdriet, wanneer iemand door een periode van pijn gaat en het nodig is om die pijn te verzachten. Troost is een medicijn voor de ziel, om de wond diep van binnen te helen. God Zelf spreekt hier tot Zijn volk, dat een lange tijd van strijd achter de rug heeft. ‘Het is nu genoeg geweest’ zegt Hij. De tijd van strijd is voorbij. Het woord wat met ‘strijd’ is vertaald, kan ook ‘slavendienst’ betekenen. Het volk had vele jaren in een vreemd land in ballingschap geleefd en Jesaja kondigt nu een nieuwe tijd aan. De tijd van slavernij is voorbij.

Dezelfde woorden klinken nu door het kruis heen, wanneer Jezus zegt: ‘Ik noem u niet meer slaven, want een slaaf weet niet wat zijn heer doet, maar Ik heb u vrienden genoemd, omdat Ik u alles wat Ik van Mijn Vader gehoord heb, bekendgemaakt heb’ (Joh. 15: 15). De Trooster is gekomen om ons steeds weer daaraan te herinneren. Want telkens loert het gevaar van slavernij, van hard werken en ons best doen. Het is de geest van religie die ons probeert opnieuw een slavenjuk op te leggen.

Jezus zei niet voor niets dat Zijn juk zacht was en Zijn last licht, omdat Hij het contrast wilde laten zien tussen de wil en het verlangen van de Vader en datgene wat religieuze mensen ervan hadden gemaakt. Het is een troost te mogen weten dat we Zijn rust mogen ingaan. Zeker, geloof zonder werken is een dood geloof (Jak. 2: 17), maar deze tekst staat in de context van liefdewerken, zorgdragen en omzien naar elkaar.

Zoals wij uit slavernij zijn gered, mogen we anderen in die vrijheid meenemen. Het is een vreugde om anderen ook die troost te geven, het medicijn voor de ziel, waardoor zij heling, herstel en leven vinden.
‘Sta dan vast in de vrijheid, waarmee Christus ons vrijgemaakt heeft, en laat u niet weer met een juk van slavernij belasten’ (Gal. 5: 1).

Plaats een reactie

Boek 'Als God Spreekt'

Nu verkrijgbaar:
Bijbels dagboek 'Als God Spreekt'